De bevalling van een walvis.

Posted by Carlijn Bartels on 9 maart 2018 in Geen categorie

Terwijl om me heen de een na de ander vertrekt én al dan niet terugkeert van de verschillende oorden op aarde waar de temperatuur en golfperiode wél boven de 6 uit komt, is dat mij dit jaar wegens omstandigheden niet gelukt.
De eerste keer in vijf jaar dat ik níet een weekje of wat op een warm eiland golven afzoef… Hoe decadent dit eigenlijk wel niet is, viel me op toen ik vorig jaar niet kon besluiten waarheen te gaan en in frustratie uitriep: ”Desnoods gaan we naar Bali!” Karma heeft echter mij een lesje geleerd en dit jaar konden we niet weg.

Nu mag ik niet klagen: Nederland heeft tenslotte ook golven, ik woon op 15 minuten rijden van het strand en rond 1951 ontdekte natuurkundige Hugh Bradner, dat een dun laagje water tussen wetsuit en lijf goed isoleert!*

Dus… dikste wetsuit (6,5,4) uit de kast, 7 mm schoentjes, 7 mm handschoentjes en bij fikse wind doe ik er nog een thermoshirt bij.

De handschoenen die ik gebruik zijn wantjes. Ze zijn ontzettend warm en ik heb nooit last van koude, afgestorven vingers, wat ik met vingerhandschoenen wel had. Wel voel ik me altijd ernstig gehandicapt met die wanten aan. Mijn fijne motoriek is compleet verdwenen en simpele taken als mijn leash omdoen of een pluk haar terugduwen, worden een enorme uitdaging, die onder andere omstandigheden niet verschillen van hoe ik in een vroeger na een avond stappen mijn voordeur sleutel in het slot probeerde te steken.

Sowieso is de wintersurf een niet al te elegant hoofdstuk van de gehypte surfwereld. De cliënten op mijn werk, veelal met autisme, denken bij surfen meteen aan zon-gebruinde, slanke doch gespierde modellen met blond krullend haar en een gave huid, het liefst omgeven door buitenwereldlijk mooie vrouwen. De realiteit is anders…

Het liefst surf ik in de winter met een frontzippak met vaste cap. Heb toch het idee dat er minder water binnenkomt, doordat de cap doorloopt op de rug en het water er alleen van de voorkant bij m’n nek nog in kan.

Water kan er moeilijker in…, maar dus óók moeilijker uit. Niet erg, zou je denken, behalve dan dat ik van kou moet piesen. En in een 6 mm dik frontzip winterpak kan vocht twee kanten op. Naar boven langs je nek je cappie uit, of naar beneden om daar de hele sessie lang in je schoentjes rond te klotsen…. Nope, can’t do it.
(ergens weet ik niet meer waarom ik hierover begon, níet piesen in je pak is wellicht niet echt een nadeel.., behalve als je dus heel nodig moet…) 

De frontzip-vaste-cap-combi zit heel strak om je lijf en de pasvorm voelt lekker knus. Het pak vormt zich om mijn lijf en dat voelt wel erg sexy. Vooral als ik hem thuis al aangedaan heb en mijn huid lekker begint te zweten voordat ik mijn surfgear in mijn auto laadt. Dan heb ik altijd het idee, dat ik me extra sensueel over straat richting mijn corsa beweeg, schalks glimlachend naar wie er maar voorbij komt. Het contrast kan niet groter zijn met hoe ik me voel als ik uit het water kom: plukken haar, die uit mijn cap geschoten zijn, stoeien om de aandacht met mijn rode, door de kou gevoelloze, snotneus. Snel die invaliderende handschoenen uit om de auto open te kunnen doen om mijn “Ressies” (poncho) te pakken ter bescherming tegen de wind.

De bevrijding van de handschoenen is fijn, maar dit fijne gevoel duurt hooguit zo’n 5 minuten, daarna grijpt de kou in en worden mijn handen weer net zo stijf als vóór de bevrijding. Haast is geboden. Dus snel mijn pak uitdoen. Snel en pak-uitdoen zijn woorden die niet in 1 zin samen mogen gaan. Het is onmogelijk.

Het cappie en zipgedeelte, dat voorheen nog zo knus m’n hoofd beschermde tegen de onvermijdelijke brainfreeze, weigert soepel uit te gaan zonder in ieder geval twee verschillende pogingen tot mutilatie te hebben gedaan. Allereerst in een poging je neus van je gezicht te trekken, doordat het neopreen ineens transformeert tot een soort plakkerig kleefkruidachtig schuurpapier met weerhaken from hell!

De tweede mutilatie is er een die alleen langbehaarde surfers ondergaan – Kelly Slater herkent dit niet – want je wordt onvermijdelijk gescalpeerd. De zip blijft ALTIJD in mijn haar hangen… en rond deze tijd worden mijn vingers al lichtelijk gevoelloos, dus rest mij niks anders dan met mijn handklomp de pluk haar los te trekken in de hoop dat alleen de dode punten achterblijven..

Nu het zipgedeelte achter de rug is, rest alleen nog de opgave je natte lijf uit het pak te wurmen… Dit blijft mijn favoriete gedeelte. Het beste werkt een ritmische paringsdans waarbij je je schouders door de krappe opening naar boven probeert te roteren. Wees hierbij gewaarschuwd dat je het pak niet te ver naar beneden over de armen laat zakken, dit zorgt voor een dwangbuiseffect waarbij je alle bewegingsvrijheid van je armen riskeert.

Halverwege de bovenarm moet je een van je ellebogen, het beste die niet aan de ritskant zit, uit het pak trekken, door met je andere hand de bovenkant van het pak tegen te houden terwijl je de paringsdans voortzet. Eenmaal de armen eruit, gaat de rest vaak een stuk soepeler. Sommige van mijn romiger bedijde vriendinnen hoor ik ook nog wel mopperen rond het heupgebied, maar het ergste heb je gehad.

Ondanks alles blijf ik bij mijn standpunt: de vaste-cap-frontzip beschermt veel beter tegen de kou, maar is bij het uitdoen te vergelijken met de bevalling van een walvis. Toch heb ik dit allemaal over voor een fijne wintersessie.

Wintersurf in Nederland, het is een hilarisch avontuur: Het gehaaste omkleden op de parkeerplaats, de wind, regen, hagel, sneeuw, mist, de koude klots, de bij tijd en wijlen epische winterswell, de uitgedunde line-up en de meest mooie dramatische wolkenluchten… Ik kom er steeds meer achter dat ik er van hou en dat maakt het niet op trip gaan dit jaar een stuk minder erg.

*”In 1951, ontdekte natuurkundige Hugh Bradner de isolerende werking van een dun laagje water tussen een pak en het lichaam. Het was het idee van Willard Bascome om Neopreen te gebruiken.” Bedankt Hugh, Willard en Wikipedia